|
NELE LIJNEN WIL BEHEER AAN DE VAKBONDEN GEVEN Tegen eind dit jaar moet er een akkoord zijn over een eenheidsstatuut voor arbeiders en bedienden. Senator Nele Lijnen (Open Vld) zoekt de oplossing in een ontslagfonds, gelijk voor arbeiders en bedienden én beheerd door de vakbonden. Maandag staken de vakbonden, zowel in de privé als in de openbare diensten, tegen de plannen van de regering. Ze hebben het vooral moeilijk met de degressieve werkloosheidsuitkeringen en het korten van het vervroegd pensioen en het brugpensioen. Die staking zorgt voor nogal wat ongenoegen bij de bevolking. Steeds vaker hoort men zeggen dat de vakbonden niet langer de werknemers verdedigen maar de werklozen. Daar is een verklaring voor. De werkloosheidsuitkeringen lopen op tot circa 7 miljard euro op jaarbasis. 96 procent daarvan wordt uitgekeerd via de vakbonden, slechts 4 procent door de Hulpkas. De mensen kiezen voor een uitkering via de vakbond omdat ze denken dat ze dan sneller geholpen worden. Dan moeten ze wel lid zijn van een vakbond. Men zou dus kunnen redeneren dat de vakbonden er alle belang bij hebben dat er zoveel mogelijk werklozen zijn. Dan hebben ze meer leden. Bovendien krijgen ze van de overheid een vergoeding voor de uitkering van die werklozen. Hoe meer uitkeringen, hoe meer vergoeding. Momenteel bedraagt die vergoeding circa 300 miljoen euro. Ontslagfonds Senator Nele Lijnen (Open Vld) vindt dit geen goede zaak. De uitkering van werkloosheidsvergoedingen is in principe een taak voor de overheid. Maar ze wil ook geen oorlog beginnen met de vakbonden en ze geld en personeel afnemen. Daarom schuift ze een alternatief naar voren waarbij de vakbonden niet langer een belang hebben in zoveel mogelijk werklozen maar wel in zoveel mogelijk mensen die werken. Die oplossing heet "ontslagfonds". Het is namelijk zo dat regering, werkgevers en vakbonden afspraken dat tegen eind dit jaar er een eenheidsstatuut voor arbeiders en bedienden moet komen. Nele Lijnen stelt nu voor dat in het kader van dat eenheidsstatuut een ontslagfonds wordt opgericht. Daarin moeten de werkgevers vanaf de tweede maand van tewerkstelling van een werknemer 1,53 procent van de brutoloonmassa storten van de betrokken werknemer; en dit dus zonder onderscheid tussen arbeiders en bedienden. Win-win-situatie Wanneer een bedrijf zich verplicht ziet om personeel te ontslaan, dan kunnen de betrokken arbeiders en bedienden bovenop hun werkloosheidsuitkering een aanvullende uitkering krijgen uit dat ontslagfonds in vervanging van de huidige ontslagvergoedingen. Die zijn nu groter voor bedienden dan arbeiders, in het nieuwe systeem zijn ze gelijk. Nele Lijnen stelt ook voor dat het de vakbonden zouden zijn die het ontslagfonds beheren en dat ze daar een vergoeding voor zouden krijgen, eventueel gelijk aan de vergoeding die ze nu krijgen voor de uitkering van werkloosheidsvergoedingen. Toch kan men volgens de senator spreken van een win-win-situatie. De vakbonden hebben in het nieuwe systeem er immers alle belang bij dat werklozen zo snel mogelijk naar een nieuwe job worden begeleid zodat er altijd voldoende geld is in het ontslagfonds. Overleg Over de modaliteiten van de aanvullende uitkering (hoogte van het bedrag, periode dat men die kan krijgen), spreekt Nele Lijnen zich niet uit. Dat is een zaak van de sociale partners en eventueel de regering. Ze heeft haar voorstel wel al aangekaart bij werkgeversorganisaties en bij de vakbonden. Die hadden daar oren naar. Het kan helpen in de discussies over het eenheidsstatuut. |
|